Nieuwe leden verkozen in 2026

10 februari 2026
Werking

De Jonge Academie verkoos in 2026 negen nieuwe leden. Ze worden geïnaugureerd tijdens het publieksevenement van 3 maart 2026.
De nieuwe leden zijn: Francesca Ajossa, Cassandre Balosso-Bardin, Dounia Bourabain, Melissa De Smet, Marie DeCock, Tamás Lázár, Frederik Peeraer, Hannelore Van Bavel en Sien Vandesande.

Kandidaten worden verkozen op basis van wetenschappelijke of artistieke excellentie en een uitgesproken motivatie. De wetenschappelijke leden van de Jonge Academie zijn verbonden aan een Vlaamse universiteit en/of een Vlaamse of federale wetenschappelijke onderzoeksinstelling en hebben bij intrede minimaal 3 en maximaal 10 jaar geleden hun doctoraat behaald. De leden-kunstenaars zijn minimum 25 en maximaal 39 jaar oud en hebben een duidelijke affiniteit met de thema’s van de Jonge Academie.


Francesca Ajossa

(Artistiek onderzoek - KU Leuven/LUCA School of Arts, Orpheus Instituut) is organiste en onderzoekt de rol van het lichaam bij het maken en ervaren van muziek. De resulterende creaties verkennen historisch en hedendaags repertoire in een interdisciplinaire context en belichten de rol van het orgel in bredere sociale dimensies.

Cassandre Balosso-Bardin

(Musicologie - KU Leuven) is een etnomusicologe/cultuurmusicologe die gespecialiseerd is in muziekinstrumenten, culturele duurzaamheid en de muziekinstrumentenindustrie. Ze geniet bekendheid om haar werk over doedelzakken en is de oprichtend directeur van de International Bagpipe Organisation. Cassandre is tevens professioneel muzikante op de blokfluit en doedelzak en treedt regelmatig internationaal op.

Dounia Bourabain

(School voor Sociale Wetenschappen - Universiteit Hasselt) is socioloog en onderzoekt diversiteit, inclusie en ongelijkheid binnen het hoger onderwijs en de academische wereld. Ze bestudeert dit op verschillende niveaus: van diversiteitsbeleid en de rol van management tot de ervaringen van studenten en personeel in gemarginaliseerde posities in onderwijs-, onderzoeks- en loopbaancontexten. In haar werk combineert ze inzichten uit sociologie, organisatiestudies, dekoloniale theorie, genderstudies en kritische diversiteitsstudies.

Melissa De Smet

(Methodologie van het pedagogisch onderzoek - KU Leuven) is klinisch psycholoog en gespecialiseerd in kwalitatieve methodologie en mixed-methods onderzoek. Ze ontwikkelt en onderzoekt methoden om de ervaringen van mensen beter te begrijpen. Op die manier wil ze onderzoek, praktijk en beleid sterker personaliseren, met bijzondere aandacht voor het perspectief van patiënten en jongeren.

Marie DeCock

(Centrum voor Overheid en Recht en Department of Public Law - FWO, Universiteit Hasselt, Universiteit Maastricht) is jurist en onderzoekt de wetgeving over (lokale) besturen en overheden. Ze bestudeert onder meer ‘intercommunales’: bedrijven die gemeenten samen oprichten om ons afval op te halen, drinkwater te zuiveren of straatverlichting te voorzien. Ook andere soorten overheidsbedrijven en smart cities behoren tot haar onderzoeksdomein, net als het algemeen bestuursrecht. Marie wil bijdragen aan de ontwikkeling van moderne en betere rechtsregels.

Tamás Lázár

(Department of Bioengineering, Structural Biology Brussels - VUB) onderzoekt de functionele impact van eiwitvarianten (natuurlijke of ontworpen) door diverse datastromen te integreren, en ontwikkelt AI-gestuurde analysepipelines. Deze algoritmen helpen ons te begrijpen hoe eiwitten evolueren en hoe we varianten kunnen ontwerpen die optimaal zijn voor een specifiek doel, zoals inzicht in het ontstaan of behandeling van ziekten zoals kanker en neurodegeneratieve aandoeningen.

Frederik Peeraer

(Centrum voor Grondslagen en Methoden van Privaatrecht - UGent) is rechtstheoreticus en rechtsmethodoloog. Hij bestudeert wat juridische onderzoekers traditioneel doen, om dat soort onderzoek inhoudelijk te kunnen versterken en meer te laten aansluiten bij academisch onderzoek in andere disciplines (en omgekeerd).

Hannelore Van Bavel

(RHEA Research Centre for Gender, Diversity, and Intersectionality - Vrije Universiteit Brussel, University of Bristol) is sociaal antropologe en gender scholar en onderzoekt de betekenissen en beweegredenen achter vrouwelijke genitale modificaties, met name vrouwenbesnijdenis (of vrouwelijke genitale verminking) en vrouwelijke genitale cosmetische chirurgie. Ze bestudeert waarom beide praktijken zulke verschillende morele en juridische reacties oproepen, en wat dit ons leert over de verwevenheid van gender, ras, cultuur en kolonialisme.

Sien Vandesande

(Gezins- en Orthopedagogiek - KU Leuven, UMONS) is klinisch orthopedagoog en bestudeert hoe gehechtheid en stressregulatie vorm krijgen bij kinderen met een ernstige verstandelijke en meervoudige beperking. Ze combineert fijnmazige gedragsobservaties in de uiteenlopende naturalistische zorgcontexten van het kind met fysiologische metingen. Met haar onderzoek brengt ze in kaart hoe zorgfiguren samen een netwerk van gehechtheidsrelaties kunnen opbouwen waarin het kind zich gehoord en emotioneel veilig voelt.