Opinie: Steunen op de wetenschap loont, ook voor het klimaat

22/11/2021 door admin

De Jonge Academie en de rectoren van de Vlaamse universiteiten maken zich zorgen over de lage klimaatambities van Vlaanderen. Met dit opiniestuk van de Jonge Academie en de VLIR eisen ze samen een meer wetenschappelijke aanpak en een beter onderbouwd plan.

 

Het opiniestuk verscheen op 22 november 2021 in De Standaard (hier) — de volledige tekst staat hieronder.

Het waren geen tranen van vreugde waarmee COP26-voorzitter Alok Sharma de conferentie in Glasgow afsloot. Net als hij zijn ook wij als wetenschappers teleurgesteld in het compromis dat als slotakkoord uit de bus kwam. De nota die de Vlaamse regering in de marge van de klimaattop voorstelde, versterkte die gevoelens nog, net als het feit dat Vlaanderen de Europese klimaatambities temperde.

De nota als bijlage op het Vlaamse Energie- en Klimaatplan (VEKP) 2021-2030 beslaat 14 pagina’s en bestaat uit 40 concrete voorstellen. Helaas staat maar één cijfer bij al die plannen: 40 procent. Dat is de reductie in broeikasgasemissies die de regering wil bereiken tegen 2030 (in vergelijking met 2005) in de Vlaamse niet-ETS-sectoren – alle sectoren die niet vallen onder het Europese systeem voor emissiehandel dat van toepassing is voor zware industrie, energieproductie en luchtvaart.

Dat cijfer is een stapje vooruit, want eerder ging het om 35 procent reductie (die volgens prognoses zelfs niet gehaald kon worden met het VEKP). Maar het is geenszins een ‘inhaalbeweging’. Die 40 procent ligt vér onder de Europese doelstelling van 47 procent, die op haar beurt als ‘te laag’ wordt ingeschat door veel klimaatwetenschappers. Commissievoorzitster Ursula von der Leyen zelf streeft met het Fit for 55-programma naar 55 procent uitstootreductie binnen de EU ten opzichte van 1990. Kortom, de Vlaamse 40 procent is niet genoeg.

Omslagpunt nadert
Als wetenschappers kunnen we alleen maar bezorgd zijn over de lage ambities. De wetenschap is het erover eens dat het klimaat verandert door toedoen van de mens en dat er weldra een omslagpunt zit aan te komen, waarna onze planeet voorgoed verandert en misschien zelfs onleefbaar wordt. Ook is er consensus dat we als mensheid nog maar héél weinig uitstootmarge hebben – 420 gigaton CO2, om precies te zijn – voor we dat omslagpunt bereiken. De ambitie móét dus hoog liggen als we de leefbaarheid van onze planeet willen waarborgen.

Daarnaast zijn we teleurgesteld in het gebrek aan cijfers, transparantie en methodiek in de plannen van de Vlaamse regering. Op welke aannames, evidentie en geschatte impact steunen de voorgestelde maatregelen? De Vlaamse nota lijkt vooral maatregelen op te lijsten die de afgelopen twee jaar de kranten hebben gehaald, en haalbaar en betaalbaar zijn voor de rijken, of minstens de middenklasse. De wetenschappelijke onderbouwing en de doorrekening van hoe elk voorstel precies bijdraagt aan de gewenste reductie, ontbreekt.

Als er één ding is wat de coronacrisis ons heeft geleerd, dan is het wel dat steunen op de wetenschap loont. Vaccins en medicatie werden in sneltempo ontwikkeld en de bewezen effecten van de andere noodzakelijke maatregelen zoals mondmaskers dragen en afstand houden, helpen de bevolking om die zaken al 20 maanden vol te houden. Waarom gebeurt hetzelfde niet voor de klimaatcrisis? De wetenschap over klimaatuitdagingen en -oplossingen draait al decennialang op volle toeren en we hébben ruim voldoende evidentie om plannen op te bouwen. Uiteraard blijven wetenschap en onderzoek gebaseerd op kansberekening en zijn de antwoorden op sommige vragen nog niet eenduidig. Maar laten we maximaal inzetten op de kansen om onze planeet leefbaar te houden. Science is the best we’ve got om ons daarin te helpen.

Ethische hackers
Als wetenschappers van alle Vlaamse kennisinstellingen én als bezorgde burgers van dit land, eisen wij een wetenschappelijke en methodologisch verantwoorde aanpak van het klimaatbeleid. We zijn verheugd dat staatssecretaris voor Wetenschappelijk Beleid Thomas Dermine (PS) in 2022 wil starten met de uitbouw van een Belgisch klimaatcentrum, maar ook kritisch, omdat dat centrum en het Planbureau niet de capaciteit en middelen zullen hebben om alle klimaatplannen te evalueren (DS 12 oktober).

Wat we nodig hebben, is een soort ‘Rekenhof voor Klimaat’ dat, op een onafhankelijke manier, de politieke programma’s en regeringsplannen voor het klimaat doorlicht aan de hand van de beste wetenschappelijke kennis die we hebben. Het zou de potentiële bijdrage van de voorgestelde maatregelen kunnen toetsen aan de Duurzame Ontwikkelingsdoelstellingen van de VN en becijferen wat de geschatte economische en sociale impact zal zijn. Uiteraard zal dat met de nodige onzekerheidsmarges moeten gebeuren. Het effect van sommige keuzes in de energietransitie hangt bijvoorbeeld mee af van keuzes van andere Europese landen.

Een alternatieve manier om hetzelfde doel te bereiken, is zogeheten ‘Red Teams’ inzetten vóór de plannen gefinaliseerd worden. Die teams werken zoals ethische hackers die gevraagd worden om een bedrijfsnetwerk te hacken, met de bedoeling de gevonden gaten in de beveiliging te dichten. Red Teams van wetenschappers zouden op een analoge manier onduidelijkheden en zwakke plekken in klimaatvoorstellen kunnen vinden. Niet om de beleidsmakers onderuit te halen, maar om een beter voorstel te bereiken voor de burgers.

Samen aan de slag
Idealiter wordt in de plannen ook kennis in rekening gebracht vanuit de sociale en gedragswetenschappen, zoals wetenschappelijke inzichten over effectieve communicatie (die nu vooral worden ingezet door commerciële spelers en lobbyisten), sociaal-economische verschillen van de impact van voorgestelde maatregelen of de effecten van adaptieve gedragsveranderingen.

Aan de Vlaamse universiteiten en federale kennisinstellingen zijn dagelijks honderden wetenschappers bezig met duurzame oplossingen voor de klimatologische uitdagingen. Een brede waaier aan expertise is beschikbaar om bij te dragen aan een Rekenhof voor Klimaat of aan Red Teams. Onze onderzoekers staan te popelen om hun kennis in de praktijk om te zetten en het klimaatbeleid te helpen onderbouwen en te vertalen voor de bevolking.

Deze brief is een uitgestoken hand vanuit de wetenschappelijke wereld om dat samen mogelijk te maken en om klaar te zijn om het voortouw te nemen op de volgende klimaattop.

Deze tekst kwam tot stand als samenwerking van verschillende JA-leden.

Het opiniestuk werd ondertekend door de covoorzitters van de Jonge Academie, Jozefien De Leersnyder (KU Leuven) en Christophe Vandeviver (UGent), namens de leden van de Jonge Academie en door de rectoren van de Vlaamse universiteiten: Caroline Pauwels (VUB), Luc Sels (KU Leuven), Rik Van de Walle (UGent), Herman Van Goethem (UAntwerpen) en Bernard Vanheusden (UHasselt).