Wetenschapscommunicatie van ! naar ?

23/05/2018 door admin

Leden van de Jonge Academie schreven dit opiniestuk over het belang van vragen voor de wetenschap. Het verscheen in De Morgen op 23 mei 2018.

 

Wetenschap is een verhaal van vele leestekens. De feiten (!) de context (,) de nuance (;) maar ook de vragen (?). Momenteel gaat “Vraag voor de wetenschap” zijn laatste week in. Het is een campagne die oproept vragen te formuleren voor de wetenschap in Vlaanderen. Zo geeft ze de burger een inkijk in die diversiteit en ze is daarom een boeiend initiatief om de kloof tussen burger en wetenschap verder te dichten. Vragen indienen kan nog tot zondag 27 mei.

Uitroeptekens worden in de wetenschap aan elkaar gebonden door vraagtekens. Poincaré schreef al: “Men bouwt wetenschap op met feiten zoals een huis met stenen; maar een hoop feiten is evenmin een wetenschap als een stapel stenen een huis.” Dat geldt nog steeds. Een belangrijk ingrediënt van het wetenschappelijke cement zijn goed gestelde vragen.

Traditionele vormen van wetenschapscommunicatie zoomen vaak in op de uitroeptekens. Met de campagne “Vraag voor de wetenschap” zet het Fonds Wetenschappelijk Onderzoek deze maand de vraagtekens in de schijnwerpers. Het is een oproep aan burgers om hun vraag voor de wetenschap te stellen. De Jonge Academie ondersteunt dit initiatief omdat het de dialoog tussen wetenschap en maatschappij kan versterken, maar vooral omdat het inzicht kan verschaffen in hoe wetenschap echt werkt.

Een hardnekkig misverstand over wetenschappers is dat zij voornamelijk zouden zoeken naar antwoorden op onbeantwoorde vragen. Onze eigen ervaring is echter dat we meer tijd besteden aan het zoeken van de juiste vraag: we zoeken naar een nieuw perspectief of trachten een bestaand probleem te verfijnen.

Toegegeven, soms werkt de wetenschap rechtstreeks van ? naar !. Inmiddels is er zo al een mooi palmares aan successen bereikt door hardnekkig zoeken naar het antwoord op openstaande vragen. De geschiedenis toont echter vooral dat fundamentele doorbraken vaak ontstaan wanneer wetenschappers net nieuwe vragen beginnen te bedenken, in een ritmische dans tussen ! en ?.

Het grote succes van de natuurwetenschappen lijkt te berusten op de herhaalde verfijning van onderzoeksvragen – het stellen van steeds nieuwe vragen die met de beschikbare middelen beantwoord konden worden. Een belangrijke vraag voor de Griekse natuurfilosofen luidde: “Wat is de orde achter de werkelijkheid?” Een voorbeeld van een hedendaagse wetenschappelijke vraag is: “Wat is de invloed van een welbepaalde genetische variant op het ontstaan van pancreaskanker?” Die laatste vraag is veel specifieker en veronderstelt al veel wetenschappelijke kennis om haar te kunnen begrijpen. In de medische en sociale wetenschappen kwam er dan weer een grote vooruitgang door vragen over individuen te herformuleren naar vragen over populaties.

Vergt een goede onderzoeksvraag opstellen dan niet altijd een bepaald niveau van domeinexpertise? Vaak wel, maar ook de louter nieuwsgierige vragen kunnen nieuw onderzoek inspireren. Er is immers ook een belangrijke rol weggelegd voor serendipiteit in de wetenschap – de interactie van vraagtekens met gedachtestreepjes. Op zoek naar de verklaring van het ene feit, observeer je een ander fenomeen. Denk hiervoor maar aan de ontdekking van bakeliet, penicilline of X-stralen (die we intussen röntgenstralen noemen). Het ingewikkeldste onderzoek kan starten met de simpelste vraag: “Huh?”

In 1867 schreef wiskundige Georg Cantor dat de kunst van het vragen stellen in zijn vakgebied van grotere waarde is dan het oplossen ervan. Wat ons betreft geldt dat voor alle wetenschappen. We verwachten bovendien dat de rol van vraagstelling nog in belang zal toenemen. Door de overvloed aan data, verzameld door allerhande sensoren en digitale platformen, en de ontwikkeling van geavanceerde technieken om die data te analyseren is het, nu meer dan ooit, noodzakelijk om de goede vragen te leren stellen. Dat zijn niet enkel vragen die big data als gegeven beschouwen, maar ook vragen over verbanden die we niet onmiddellijk zien. Zo leidt wetenschap op haar beurt weer tot filosofische en ethische vragen, bijvoorbeeld: wie bepaalt de structuur van de databank en hoe beïnvloedt dat onze wetenschappelijke theorievorming? Vele taken in onze maatschappij worden geautomatiseerd, zo ook binnen de wetenschap. Het stellen van een goede vraag zal wellicht de meest menselijke activiteit worden in het hele onderzoeksproces.

 

 

Ben Dhooge, UGent
Vincent Ginis, VUB / Harvard
Bram Spruyt, VUB
Sylvia Wenmackers, KU Leuven

 

Mede ondertekend door:

Ann Bessemans, UHasselt/PXL-MAD
Camilla Bork, KU Leuven
Elke Cloots
Veerle De Herdt, UGent
Jozefien De Leersnyder, KU Leuven
Heleen Dewitte, UGent
Bert De Smedt, KU Leuven
Ugo Dehaes, choreograaf
Koen Dries, VUB
Lendert Gelens, KU Leuven
Kristien Hens, UAntwerpen
Niel Hens, UHasselt
Lodewijk Heylen, kunstenaar
Lies Lahousse, UGent
Damya Laoui, VUB en VIB
Steven Latré, UAntwerpen en imec
Sarah Lebeer, UAntwerpen
Silvana Mandolessi, KU Leuven
Pieter Martens, VUB
Frank Merkx, kunstenaar
Magaly Rodríguez García, KU Leuven
Amr Ryad, KU Leuven
Bert Seghers
Kevin Smets, VUB
Evelien Smits, UAntwerpen
Lieve Van Hoof, UGent
Alexander van Nuijs, UAntwerpen
Birgit Van Puymbroeck, UGent
Bram Verschuere, UGent
Katrien Verveckken, KU Leuven
Nele Witters, UHasselt
Nele Wynants, ULB en UAntwerpen