Liefste dagboek…. van een historica

23/06/2014 door Violet Soen

De leden van de Jonge Academie houden beurtelings een dagboek bij. Elk van hen belicht een ander aspect van het leven van een wetenschapper: het schrijven aan een tekst, peer-review, onderwijs, veldwerk, archiefwerk, enz. Maar behalve wetenschapper, onderzoeker en professor,  zijn de leden van de Jonge Academie ook vriend, collega, moeder, vader, enz. In de dagboeken leest u hoe het leven van een wetenschapper er ècht uitziet. Maandelijks publiceren we een nieuw dagboek.

Drie jaar heb ik naar deze dag toegewerkt, en dan is het plots zover. Vandaag openen we een groots internationaal congres over het Concilie van Trente. Dag op dag eindigde dit concilie 450 jaar geleden. De katholieke kerkvergadering – in feite drie zittingsperiodes verspreid over de achttien jaar tussen 1545 en 1563 – bood weerwerk tegen het toen opkomende protestantisme. We kapen deze jubileumdag om de historische gebeurtenis opnieuw op de wetenschappelijke agenda te plaatsen. Congressen brengen immers onderzoekers samen, om zo tot nieuwe inzichten en resultaten te komen. Gebeurt onderzoek vaak in ‘splendid isolation’, dan zijn congressen de hoogdagen van groepswerk.

Drie jaar geleden wisten we dit moment te claimen voor een congres in Leuven, nu moeten we het momentum verzilveren. Met mijn collega uit de Faculteit Theologie open ik het congres precies op de plaats waar ik vijf jaar geleden mijn proefschrift verdedigde: de promotiezaal in de Universiteitshal. Wat is er veel veranderd, denk ik bij mezelf, maar tijd om te mijmeren is er niet: ik kijk naar meer dan tweehonderd aanwezigen in deze prestigieuze zaal. Tachtig onder hen krijgen tijdens de komende dagen de gelegenheid om een short paper in parallelsessies voor te stellen; de ‘grote namen’ uit ons onderzoeksveld verzorgen de zogenaamde keynotelectures.

Van heinde en ver zijn de tweehonderd deelnemers toegestroomd: Australië, Nieuw-Zeeland, Verenigde Staten, Latijns-Amerika, Azië, Afrika, maar ook Italië, Spanje, Duitsland, Frankrijk, Scandinavië en Oost-Europa. Dat wilden we ook. Het is immers gevaarlijk om te eurocentristisch te werk te gaan. Zeker, het is vaak veel goedkoper om niet wereldwijd te rekruteren, maar vervormt dat dan niet de onderzoeksresultaten? Het Concilie van Trente biedt daarvan een goed voorbeeld: de vergadering vond plaats in een stad in het Heilig Roomse Rijk, en uit de ‘Nieuwe Wereld’ werd niemand uitgenodigd. Toch hadden de voorschriften meer (en zelfs duidelijker) effect buiten Europa dan op het oude Avondland.

In de zaal zitten maar liefst drie generaties historici. De oudste deelnemer én meteen ook keynote is maar liefst 85, de jongste 24. Waar het onderzoek naar kerk en staat lang de zaak was van clerici op pensioen (en bijgevolg mannen), hebben we ditmaal geprobeerd om jong én oud, man én vrouw, katholiek, protestant, jood én atheïst samen te brengen. De oudere generatie toont zich verheugd over de grote aanwezigheid van jonge onderzoekers, die duidelijk nieuwe klemtonen leggen; de jongere onderzoekers kijken op naar de verzamelde wijsheid van de tenoren.

Zelf ben ik bijzonder verheugd over de aanwezigheid van studenten uit mijn masterseminarie. Ze schuifelen wat onwennig, maar twaalf weken lang heb ik hen inhoudelijk goed voorbereid. We lazen samen het pas verschenen boek van John O’Malley, de key-note speaker die straks de spits afbijt. Voor hen is het bijzonder spannend om de man straks in levende lijve te zien en horen (sommigen hopen zelfs op een handtekening van hem in hun eigen exemplaar). De pers vindt de studentenaanwezigheid alvast geweldig (en jawel, morgen zal blijken dat hun foto de krant haalde!)).

New Image

Met congressen maak je doelbewust een statement. Wij willen tonen dat het Concilie van Trente dan wel een uiterst gespecialiseerd onderwerp mag zijn, maar dat de invloed van het Concilie op religie, kerk, kunst en cultuur niet kan worden onderschat. Het herbevestigde immers het zelfbewustzijn van katholieken, en dat leidde – als onverwacht neveneffect – vervolgens tot de pracht en praal in barokke kerken zoals we die vandaag nog kunnen zien. Voor onze congresdeelnemers hebben we daarom allerlei culturele activiteiten voorbereid: we zullen hen meetronen naar een concert met polyfone muziek in de Leuvense Sint-Jan-de-Doperkerk in het Leuvense Groot Begijnhof, erfgoed van de UNESCO. Daarvoor hebben we artistieke keuzes gemaakt, met een vleugje wetenschap en vice versa: hoewel het Concilie van Trente niet bijzonder opgezet was met vrouwenstemmen in de kerk (wegens te hemels en te verleidelijk), zullen vier jonge zangeressen muziek uit en rond Trente brengen. Ook bezoeken we een tentoonstelling in het Museum M rond de contrareformatorische ‘Vlaamse’ schilder Coxcie, met een rondleiding door curator en collega jonge-academielid Koenraad Jonckheere. Daar zullen de deelnemers dans en muziek van de barokke componist Orlando Lasso horen. En vanavond openen we een eigen tentoonstelling met oude drukken in de Maurits Sabbe-bibliotheek in Leuven. De samenwerking met artiesten, curatoren en conservatoren was evenzeer een uitdaging, maar het kruispunt tussen wetenschap en kunst, tussen studie en passie en tussen klank en beeld leert meer dan louter woorden alleen.

De volgende dagen zullen slopend zijn. Drie jaar voorbereiding zal op drie dagen erdoor gejaagd worden, en de financiën die we her en der hebben opgehaald zullen verdwenen zijn. Maar dat is het waard. De publicatie van de congresakten zal tonen dat het beeld over het saaie en ouderwetse Concilie van Trente moet worden bijgesteld. Het onderzoek ernaar is in ieder geval terug springlevend.

Na onze openingsrede kijk ik nog even de zaal in, en ik voel de vibe van hongerige geesten naar nieuwe kennis. Het wetenschappelijke avontuur is begonnen… Normaalgezien heb ik wat gezonde stress voor een eigen lezing, maar ditmaal lijkt dit onderdeel me het minst zorgen te baren. Ik zal het hebben over de afkondiging van het Trente in de Nederlanden in 1565, een weinig bestudeerd aspect van de implementatie van het concilie. Mijn eigen lezing voelt aan als vertrouwd terrein: eigen onderzoeksresultaten voorstellen en aftoetsen bij een internationaal gezelschap is de core business van academici. Aan het stuur staan van een dergelijk groots congres was tot nu toe echter onbekend terrein voor mij. Als ‘gastvrouw’ van dit internationaal gezelschap wil ik vooral dat iedereen zich welkom voelt, dat de keynotes voldoende mogelijkheid krijgen om elkaar en de deelnemers te ontmoeten, dat de extracurriculaire activiteiten op rolletjes lopen enzovoort.. Ik praat Engels, Frans, Duits en Spaans om alle kleinere en grotere problemen te verhelpen. Eerlijk gezegd heb ik me de laatste maanden vaak eerder event organiser dan onderzoeker gevoeld, maar het event is nodig om de wetenschap vooruit te helpen.

Wanneer ik later aan de zangeressen van het concert mijn eigen sjaal uitleen voor hun optreden, wanneer de soep voor hen ter plaatse is gekomen, en de rozen uitgedeeld, voel ik mijn voeten niet meer. Wanneer de glazen voor onze afsluitende receptie terug zijn gevonden, en een onwel geworden keynote met de taxi naar het hotel kan, haal ik opgelucht adem.Wanneer de pers te woord is gestaan, de contacten gelegd, de foto’s gemaakt, sluit ik even mijn ogen. Gelukkig zijn er de collega’s en de doctorandi om even te verpozen tussen de logistiek door, de kwinkslagen doen deugd, en op vrijdagavond wordt de lang in het vooruitzicht gestelde fles Veuve Clicquot geopend. En daags erna, back to reality: op zoektocht naar bergschoenen voor een reis naar Indonesië… en ook daar zal ik sporen van het Concilie van Trente terugvinden. Beroepsmisvorming…

 

Violet Soen

DSC_0333

 

Zie ook:

http://nieuws.kuleuven.be/node/12580

http://rd.nl/trente450